Logo huenges wajer joosten notarissen
Nieuwsbrief
Het laatste nieuws
Wij bieden u de mogelijkheid om periodiek - vier keer per jaar - op de hoogte te worden gesteld over ontwikkelingen en wijzigingen in wet- en regelgeving die voor u relevant kunnen zijn. U kunt zich rechtstreeks registreren voor een abonnement op onze kantoornieuwsbrief

Daarnaast stellen wij ook nog, zonder regelmaat, specifieke nieuwsberichten op, als er tussentijds relevante juridische ontwikkelingen zijn.  U kunt zich aanmelden door een e-mail te sturen aan:
Dit e-mail adres is beschermd door spambots, u heeft Javascript nodig om dit onderdeel te kunnen bekijken

Hieronder staan enkele van deze specifieke nieuwberichten.

NIEUWSBERICHTEN

Aftrek alimentatie Box 3

Wij kregen van onze organisatie een bericht gestuurd over een recente uitspraak van de Hoge Raad inzake de dubbele aftrek van donaties aan goede doelen. Onderstaand treft u dit bericht aan.

Deze dubbele aftrek kan voor u of relaties van u interessant zijn voor de aangifte inkomstenbelasting over 2008 en over voorgaande jaren, voorzover die nog niet definitief zijn geworden.

Wat echter van groter belang is, is dat dezelfde redenatie volgens sommige deskundigen ook moet gelden voor de verplichting tot betaling van alimentatie aan een ex-partner. U zult waarschijnlijk meer mensen kennen die alimentatie moeten betalen, dan die (lijfrente)schenkingen doen aan goede doelen. Bovendien is de waarde van de alimentatieverplichting hoger (gemiddeld € 100.000,-). Het voordeel kan makkelijk oplopen tot € 1.200,- per belastingplichtige per belastingjaar.

Omdat de belastingaangiften over 2008 binnenkort ingediend moeten worden, sturen wij u het bericht van Netwerk zonder verder commentaar door. Voor de informatie over de aftrek van de alimentatieverplichting verwijzen we naar het interview met de heer A. Kers op www.nrc.nl/geld.

Let wel op dat het voordeel alleen geldt voor particulieren die alimentatie betalen en die in Box 3 over een dusdanig vermogen beschikken dat zij hierover de vermogensrendementsheffing betalen van 1,2%.

Diverse verkoopmethoden

Het aantal transactie betreffende woningen en andere registergoederen is afgenomen. Berichten hierover staan in de krant en worden ook via andere media verspreid. Bronnen daarbij zijn het Kadaster, NVM en andere organisaties.

In dit bericht willen wij graag enkele manieren bespreken die kunnen helpen bij het vinden van kopers en het sluiten van koopcontracten. Wellicht dat we daardoor kunnen helpen de impasse die nu heerst te doorbreken.

Als u geïnteresseerd bent in één of meer onderdelen, laat u dat dan weten. In een persoonlijk gesprek willen wij dan graag toelichting geven.


Enkele mogelijke methoden om verkopen te bevorderen

Allereerst de bekende mogelijkheid dat de verkoper en koper overeenkomen dat de koper zonder schadevergoedingen te hoeven betalen onder koopovereenkomst uit kan als de eigen woning van de koper niet tijdig ook is verkocht. Hierover moeten natuurlijk goede afspraken gemaakt en vastgelegd worden in het koopcontract. Het nadeel is natuurlijk dat als er niet tijdig een koper gevonden wordt voor de woning van de koper, het treintje stopt.

Een methode om daaraan te ontkomen is de zogeheten Overbruggingsgarantie. Verkoper biedt de koper aan om maximaal 2,5% per jaar van de koopsom te vergoeden aan de koper als diens eigen huis niet binnen die periode is verkocht. Voordeel is dat de levering van het huis van de verkoper wel plaatsvindt en dat hoogstens na maximaal 1 jaar een verrekening in geld plaats vindt tussen de verkoper en de koper. Op www.overbruggingsgarantie.nl kunt u hierover meer vinden.

Wij vinden die tweede methode niet flexibel en hebben daarom onze eigen garantieregeling opgesteld. Deze is veel flexibeler qua bedragen, looptijd en vooral betaalmomenten. In onze versie kan namelijk vastgelegd worden dat de koper iedere maand 1/12 deel van het garantiebedrag ontvangt, zodat daarmee (een deel van de) rente over de overbruggingslening betaald kan worden.

Heeft u als makelaar een minder courant pand in de verkoop, dan zal het nu moeilijk zijn om een juiste vraagprijs vast te stellen. In zo'n situatie kunt u er ook voor kiezen om via ons kantoor een biedingsproces te laten lopen. U stelt in overleg met de verkoper een minimum prijs vast en stelt alle geïnteresseerden in de gelegenheid om het pand te bezichtigen. Daarbij reikt u biedingsformulieren uit en de kopers kunnen dan een bod (in een gesloten envelop) uitbrengen op ons kantoor. Op de vastgestelde einddatum, worden deze enveloppen geopend en aan u en de verkopers de biedingen kenbaar gemaakt. Vervolgens kan besloten worden te gunnen of juist nog te gaan onderhandelen met de bieders van uw keuze.

Een methode die hier op lijkt, maar misschien juist goed werkt voor courante panden is een veiling via Funda. Voor informatie kunt u terecht op www.biedenenwonen.nl, maar ik moet wel melden dat deze werkwijze (op dit moment) alleen openstaat voor NVM makelaars. Daarom volsta ik met het alleen onder de aandacht brengen hiervan.

Faillissementen

Het zal u niet ontgaan zijn dat er o.a. op de beursen een probleem is. Daarnaast of als gevolg daarvan zijn er ook remmingen in de economie en houdt ook het Internationaal Monetair Fonds rekening met een wereldwijde nulgroei of zelfs recessie. Dit betekent dat afnemers van u of uw relaties in betalingsproblemen komen. Voor u of uw relaties kan dat betekenen dat ook debiteuren of die van deze debiteuren in de financiële problemen kunnen komen, waardoor rekeningen niet betaald worden.

Om te voorkomen dat u meer problemen krijgt dan nodig is, heeft u vast maatregelen genomen in de overeenkomsten die met uw afnemers zijn gesloten en de Algemene Voorwaarden die daarbij van toepassing zijn.

Onlangs hebben wij een introductiecursus faillissementsrecht bijgewoond welke gegeven werd door een advocaat/curator. Daarbij kwam aan de orde dat slechts ongeveer 3% van de gewone crediteuren bij een faillissement (gedeeltelijk) wordt betaald en dat vaak blijkt dat de genomen maatregelen onvoldoende zijn.

Zoals u zult begrijpen, schrokken wij daarvan en willen wij u een aantal punten doorgeven waar u en/of uw relaties eens naar moeten laten kijken door een deskundige. Gaat u dus naar uw advocaat/juridisch adviseur en overleg met deze. Wij zijn niet meer dan een leek op dit gebied en het volgende is opgetekend naar aanleiding van ons begrip van de introductiecursus. Iedere aansprakelijkheid wordt dan ook afgewezen.

Mocht na lezing van dit stuk een deskundige op het gebied van faillissementrecht zich geroepen voelen om e.e.a. te corrigeren en/of nader toe te lichten, dan zullen wij graag de op- en/of aanmerkingen doorsturen aan allen die ook dit schrijven van ons ontvangen.

Punt 1
De eerste opmerking tijdens de cursus betrof de toepasselijkheid van de Algemene Voorwaarden. Vele bedrijven volstaan met vermelding op de nota of hun briefpapier dat de Algemene Voorwaarden toepasselijk zijn.

Bij de afwikkeling van een faillissement wordt door curatoren de vraag opgeworpen of u als crediteur kunt aantonen dat de Algemene Voorwaarden van toepassing zijn op de door u geleverde diensten/producten. Als u dan niet kunt aantonen dat de debiteur de voorwaarden ook heeft gezien, staat u op grote achterstand.

Het advies was dan ook om bestellingen te bevestigen en daarbij expliciet te vermelden dat uw Algemene Voorwaarden toepasselijk zijn en deze dan ook nog eens bij te voegen. Ook dat laatste moet u dan duidelijk in uw bevestigingsbrief vermelden. Ook bij klanten waar al langer zaken mee worden gedaan, werd geadviseerd om dat bij de eerst komende bestelling te doen.


Punt 2
Vervolgens kwam er een opmerking inzake Eigendomsvoorbehoud in Algemene Voorwaarden. De cursusleider gaf aan dat in de Algemene Voorwaarden vaak wel een eigendomsvoorbehoud wordt gemaakt, maar dat dit vaak niet goed is gedaan.

U behoudt zich dan het eigendom voor van de geleverde zaken totdat er betaald is.

Op de website van het Nederlands Verbond Toelevering Bouw (www.nvtb.nl/index.cfm/index.cfm) wordt als voorbeeld gegeven dat er stenen zijn geleverd, maar deze bij de debiteur op een grote hoop liggen met gelijke stenen die van een andere leverancier komen. Als u dan niet kunt aantonen welke individuele baksteen door u is geleverd, dan heeft uw eigendomsvoorbehoud geen enkele zin gehad.

Stel dat u wel kunt aantonen, welke bakstenen van u zijn (bijvoorbeeld doordat er in iedere baksteen een code is aangebracht), dan heeft u vervolgens misschien toch nog een probleem. Stel namelijk dat de rekening slechts voor 50% is voldaan. Volgens de cursusleider is het dan aan u om aan te tonen welke specifieke baksteen volledig en welke baksteen in het geheel niet is betaald. Het zal u niet lukken dit te bewijzen en dat betekent dat de curator u zonder uw bakstenen terug naar huis stuurt. U bent dan weer concurrent-debiteur en krijgt waarschijnlijk nooit uw geld.

De oplossing hiervoor zou een verlengd eigensdomsvoorbehoud zijn. Dit moet echter wel correct in uw Algemene Voorwaarden zijn vermeld en die moeten dan wel toepasselijk zijn (zie punt 1).

Volgens de cursusleider betekent e.e.a. in de praktijk dat minder dan 3% van de crediteuren hun spullen terugkrijgen.

Punt 3
Een laatste punt dat ik nog mee wil geven, betreft de verpanding van de post debiteuren. Als u een financiering heeft bij een bank, zult u dit zeker mee maken of meegemaakt hebben. U geeft dan aan de bank op voorhand uw debiteuren-portefeuille.

Volgens de wet kan dit via een bij afdeling de Registratie en Successie van de Belastingdienst geregistreerde akte en moet het gaan om bepaalbare vorderingen. De bank verplicht u daarom om (meestal) iedere maand een overzicht aan de bank te sturen van uw debiteuren.

Er schijnt nu een discussie te zijn hoe de bank daar verder mee om moet gaan. Ziet de bank er niet op toe dat deze lijsten van debiteuren worden toegestuurd, dan is het mogelijk dat de verpanding geheel geen zekerheid biedt aan de bank. Stel dat de lijsten wel keurig worden opgestuurd, dan is nog de vraag of de bank die lijsten dan niet telkens moet laten registreren om zekerheid te hebben.

Het schijnt dat er een bank is in Nederland die nu iedere dag naar de Registratie gaat met een briefje waarin niets anders staat dan dat er een verpanding van debiteuren heeft plaatsgehad, waarvan de exacte omvang blijkt uit de administratie van diezelfde bank. Dit zou dan voor alle filialen van deze bank voldoende zijn.

Vooral voor de adviseurs bij banken is dit punt van belang. Misschien moet de kredietcommissie van uw bank zich nog eens beraden op de werkwijze. Mocht u als ondernemer echter diensten of goederen leveren en heeft u de debiteuren van uw afnemer aan u laten verpanden, neem dan zeker contact op met uw jurist om te beoordelen of u uw handelwijze moet aanpassen.

Punt 4
Als u dan toch bij uw juridisch adviseur aan tafel zit om het voorgaande te bekijken, praat dan ook eens over de verhuurconstructie.

Ik ga hier verder niet diep op in, maar het schijnt dat deze methode wordt ingezet als er signalen zijn dat de fiscus bodembeslag gaat leggen. Met de verhuur-constructie voorkomt de ondernemer dat (een deel van) de apparatuur door de belastingdienst in beslag genomen wordt.

Wel gaat dan direct het bedrijf (letterlijk) op slot, zodat doorwerken onmogelijk is. Dit schijnt echt een laatste redmiddel te zijn en heeft eigenlijk alleen een voordeel voor de bank die de financieringen heeft verstrekt aan de ondernemer.

Omdat daardoor de schuld aan de bank doorgaans (wat) lager uitvalt, dan als de belastingdienst het bodembeslag kan leggen, heeft de ondernemer daar toch een (klein) voordeel mee. In de praktijk is de ondernemer namelijk toch ook privé aansprakelijk richting de bank als er een faillissement is.

Fictie art. 12 en Nederbelgen 

Waarschijnlijk heeft u al kennis genomen van de uitspraak van de Hoge Raad van 10 april jl. over de toepasselijkheid van de 180-dagen fictie bij overlijden van een Nederbelg, maar wij brengen deze graag kort nog even onder uw aandacht. Dit o.a. vanwege het feit dat ons kantoor een gedegen portefeuille en kennis heeft op dit gebied en bovendien ook schenkingsakten opmaakt van Belgen aan Belgen, waarbij ook Franstalige akten voor Walen probleemloos worden getekend.

De casus waarover de Hoge Raad heeft geoordeeld was als volgt. Een Nederlander die al gedurende meer dan 10 jaar in België woont, schenkt aan zijn nicht een substantieel bedrag. Vervolgens verhuist de oom naar Nederland en overlijdt daar. De nicht was overigens geen erfgenaam.

Omdat de schenking is gedaan binnen 180 dagen voor het overlijden van de oom (artikel 12 Successiewet) legde de Nederlandse belastingdienst een aanslag voor successierechten op aan de nicht.

De nicht was hierdoor onaangenaam verrast en voerde 2 argumenten aan op grond waarvan de aanslag vernietigd zou moeten worden.

Het eerste argument was dat zij geen erfgenaam was van haar oom en dat artikel 12 Successiewet daarom niet van toepassing kon zijn. De Hoge Raad ging hier aan voor bij en stelt dat het niet uitmaakt of de ontvanger van de schenker wel of niet ook erfgenaam is. De fictie is toepasselijk.

Tweede argument van de nicht was dat ten tijde van de schenking de oom niet in Nederland woonachtig was. Daardoor zou de Successiewet (en dus ook artikel 12) niet van toepassing zijn. Helaas voor de nicht ging de Hoge Raad ook hier niet in mee. Dit rechtscollege stelde dat de fictie van artikel 12 Successiewet toepasselijk is als de schenker ten tijde van het overlijden in Nederland woonachtig was en dat dus niet uitmaakt waar men woonde ten tijde van de schenking.

Doorgaans ronden we onze berichten af met enkele praktische opmerkingen. In deze is dat dat u uw Nederbelgische cliënten er van moet weerhouden om binnen 180 dagen na een schneking naar Nederland te verhuizen. Als u dat niet kunt verhinderen, zult u in brieven gericht aan uw cliënt moeten vast leggen dat u hen op het gevaar van heffing moet wijzen.
Dit zal vooral spelen bij die Nederbelgen die de bedoeling hebben om de 10-jaarstermijn vol te maken, daarna te schenken aan de (klein)kinderen en dan weer terug te keren naar Nederland.

Huenges Wajer & Joosten Notarissen : Uw notaris in Maastricht, het hart van de Euregio!